ECLI:NL:CRVB:2015:2696
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging ingangsdatum WAO-uitkering geen bijzonder geval
Appellant had een WAO-uitkering toegekend gekregen vanaf 1 juni 1999, die in 2004 werd ingetrokken wegens onvoldoende arbeidsongeschiktheid. In 2010 vroeg hij opnieuw een WAO-uitkering aan wegens vermeerderde arbeidsongeschiktheid, maar dit verzoek werd afgewezen. Na een deskundigenrapport en een eerdere uitspraak van de rechtbank werd het bezwaar alsnog gegrond verklaard en een uitkering toegekend met ingang van 27 oktober 2009.
Appellant stelde dat er sprake was van een bijzonder geval waardoor de uitkering eerder dan een jaar vóór de melding zou moeten ingaan, onder verwijzing naar zijn persoonlijkheidsstoornis die hem belemmerde eerder een aanvraag te doen. De rechtbank verwierp dit en ook de Raad volgde dit oordeel, stellende dat appellant redelijkerwijs niet gehinderd was in het tijdig indienen van het verzoek.
De Raad bevestigde dat de ingangsdatum van de WAO-uitkering terecht is vastgesteld op 27 oktober 2009, conform artikel 35, tweede lid, van de WAO. Er was geen reden tot proceskostenveroordeling en de aangevallen uitspraak werd bevestigd.
Uitkomst: De ingangsdatum van de WAO-uitkering wordt bevestigd op 27 oktober 2009, zonder toepassing van een bijzonder geval.