ECLI:NL:CRVB:2015:2760
Centrale Raad van Beroep
- Wraking
- Rechtspraak.nl
Verzoek om wraking niet in behandeling genomen door Centrale Raad van Beroep
Verzoekster heeft een wrakingsverzoek ingediend tegen de Centrale Raad van Beroep in het kader van een hoger beroep tegen een uitspraak van de rechtbank Zeeland-West-Brabant. Het verzoek betrof een besluit van de Intergemeentelijke Sociale Dienst Brabantse Wal, waarvan werd gesteld dat het onbevoegd was genomen en op een onjuiste motivering berustte.
Verzoekster stelde dat de Raad feitelijk had aangezet tot het opmaken van een valse akte en vroeg om behandeling door een ander rechtscollege. De Raad kwalificeerde de ingediende brief als een verzoek om wraking conform artikel 8:15 Awb Pro.
De Raad oordeelde dat het wrakingsverzoek niet in behandeling kon worden genomen omdat het verzoek niet betrekking had op een lid dat de zaak behandelde en de zaak nog niet was toegewezen aan een kamer. Ook kon niet worden voldaan aan het verzoek om behandeling door een ander rechtscollege. Er was geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling.
De Centrale Raad van Beroep wees het wrakingsverzoek af en deed dit in een meervoudige kamer met drie rechters en een griffier op 10 augustus 2015.
Uitkomst: Het verzoek om wraking wordt niet in behandeling genomen en afgewezen.