ECLI:NL:CRVB:2015:291
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- R. Kooper
- J.J.A. Kooijman
- H.A.A.G. Vermeulen
- Rechtspraak.nl
Beoordeling inpassing functiebeschrijving en gelijkheidsbeginsel bij ambtenaar
Appellant was werkzaam als [naam functie] binnen de vakdirectie [A.] van de gemeente [naam gemeente]. In 2010 werd hij ingedeeld in de functie van [naam functie 2] in het kader van het Functieboek, terwijl vergelijkbare functies binnen vakdirectie [B.] hoger waren ingeschaald. Appellant stelde bezwaar tegen deze indeling en voerde onder meer aan dat het college onzorgvuldig had gehandeld en dat zijn werkzaamheden onvoldoende waren weergegeven in het brondocument.
De rechtbank verklaarde het bezwaar gegrond wegens strijd met het gelijkheidsbeginsel, maar het college stelde het bezwaar opnieuw ongegrond nadat ook de functies binnen vakdirectie [B.] met terugwerkende kracht waren ingedeeld in de functie van [naam functie 2]. De rechtbank verklaarde het beroep tegen dit besluit ongegrond, wat appellant aanvocht in hoger beroep.
De Centrale Raad van Beroep oordeelde dat de toetsing van de inpassing terughoudend is en alleen leidt tot vernietiging indien deze onhoudbaar is. Hoewel het college niet volledig zorgvuldig was in overleg over het brondocument, was appellant niet in zijn procesbelangen geschaad. De Raad concludeerde dat de werkzaamheden van appellant juist waren weergegeven en dat er geen sprake was van structurele beleidsontwikkeling of langdurige effecten die een hogere waardering rechtvaardigen.
Ook het beroep op het gelijkheidsbeginsel faalde, aangezien vergelijkbare functies binnen vakdirectie [B.] met terugwerkende kracht waren ingedeeld in dezelfde functie. Het hoger beroep werd daarom afgewezen en de aangevallen uitspraak bevestigd.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de aangevallen uitspraak bevestigd.