ECLI:NL:CRVB:2015:4590
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging intrekking WIA-uitkering wegens onvoldoende medische beperkingen
Appellant, voormalig buschauffeur, viel in 2008 uit wegens psychische klachten en ontving vanaf 2010 een WIA-uitkering op basis van volledige arbeidsongeschiktheid.
Na een herbeoordeling in 2012 en 2013 stelde een verzekeringsarts beperkingen vast die resulteerden in een arbeidsongeschiktheid van minder dan 35%, wat leidde tot intrekking van de uitkering. Appellant voerde bezwaar aan met aanvullende medische rapporten, waaronder van i-psy, en stelde dat zijn psychische beperkingen werden onderschat.
De rechtbank oordeelde dat het verzekeringsgeneeskundig onderzoek zorgvuldig was uitgevoerd en dat de functies waarvoor appellant geschikt werd geacht medisch verantwoord waren. De Centrale Raad van Beroep onderschreef dit oordeel volledig, wijzend op de medische rapporten en het ontbreken van nieuwe feiten die tot meer beperkingen zouden leiden.
De Raad bevestigde daarmee het besluit tot intrekking van de WIA-uitkering en wees het beroep af. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep bevestigt de intrekking van de WIA-uitkering wegens onvoldoende medische beperkingen.