ECLI:NL:CRVB:2015:4775
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging terugvordering persoonsgebonden budget wegens onvoldoende verantwoording
Appellante ontving voor 2012 en 2013 een persoonsgebonden budget (pgb) voor zorg op grond van de AWBZ. Het Zorgkantoor trok het pgb voor 2013 in en stelde de pgb-bedragen voor 2012 en 2013 lager vast vanwege onvoldoende verantwoording van de besteding. Appellante werd geconfronteerd met een aanzienlijke terugvordering.
De rechtbank verklaarde het beroep van appellante tegen deze besluiten ongegrond. Appellante voerde in hoger beroep aan dat zij de zorg niet op de vereiste wijze had verantwoord omdat zij analfabeet is en het beheer van het pgb had uitbesteed aan een derde, die haar verkeerd zou hebben geïnformeerd. Zij beloofde bewijsstukken te overleggen ter onderbouwing van de betalingen.
De Raad oordeelde dat het Zorgkantoor terecht het pgb had ingetrokken en lager vastgesteld vanwege het niet voldoen aan de verantwoordingsplicht. De verantwoordelijkheid voor de verantwoording ligt bij de verzekerde, ook als het beheer is uitbesteed. Appellante leverde echter geen bewijsstukken aan, noch onderbouwde zij haar stelling van misbruik door de derde. Daarom was de terugvordering terecht en het hoger beroep slaagde niet.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep bevestigt de terugvordering van het pgb wegens onvoldoende verantwoording door appellante.