ECLI:NL:CRVB:2015:4836
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- A.B.J. van der Ham
- M. Hillen
- J.M.A. van der Kolk-Severijns
- Rechtspraak.nl
Beoordeling bezwaar tegen buitenbehandelingstelling bijstandaanvragen dakloze
Appellant, een dak- en thuisloze van Portugese nationaliteit, diende twee bijstandaanvragen in die het college buiten behandeling stelde wegens het niet tijdig aanleveren van gevraagde bewijsstukken. De rechtbank verklaarde het bezwaar tegen deze besluiten niet-ontvankelijk omdat zij aannam dat de besluiten bekend waren gemaakt en appellant niet tijdig bezwaar had gemaakt.
In hoger beroep stelt appellant dat het college de verzending van de besluiten niet aannemelijk heeft gemaakt. De Raad volgt dit en oordeelt dat de rechtbank ten onrechte het bezwaar niet-ontvankelijk heeft verklaard. De Raad beoordeelt het beroep inhoudelijk en oordeelt dat het college bevoegd was de aanvragen buiten behandeling te stellen omdat appellant niet binnen de gestelde termijnen de gevraagde stukken aanleverde, ondanks dat hij niet altijd de post heeft ontvangen.
De Raad benadrukt dat appellant verantwoordelijk is voor het treffen van voorzieningen om post te ontvangen, zeker gezien zijn verblijf in het buitenland en de situatie van dakloosheid. Het beroep wordt ongegrond verklaard, de uitspraak van de rechtbank vernietigd en het college wordt veroordeeld in de proceskosten van appellant.
Uitkomst: Het beroep wordt ongegrond verklaard en het college is bevoegd de aanvragen buiten behandeling te stellen.