ECLI:NL:CRVB:2015:4975
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Vernietiging besluit over indicatie AWBZ-zorg voor begeleiding en persoonlijke verzorging
Appellante, sinds haar geboorte doof en bekend met een depressieve stoornis met psychotische kenmerken, had een indicatie voor AWBZ-zorg voor begeleiding individueel klasse 3 en persoonlijke verzorging klasse 1. Het CIZ had dit besluit genomen en het bezwaar daarop ongegrond verklaard. De rechtbank verklaarde het beroep van appellante tegen dit besluit ongegrond.
De Raad oordeelt echter dat uit het medisch advies en opnamegegevens niet kan worden afgeleid dat appellante met de huidige indicatie niet tekort is gedaan, maar het besluit onvoldoende is gemotiveerd. De normtijden en klassen voor begeleiding en persoonlijke verzorging zijn niet adequaat onderbouwd en sluiten niet aan bij de zorgbehoefte van appellante. Ook het standpunt van CIZ dat gespecialiseerde behandeling voorliggend is, leidt niet tot een ander oordeel.
De Raad vernietigt daarom het bestreden besluit en stelt een hogere indicatie vast: begeleiding individueel klasse 4 en persoonlijke verzorging klasse 2. Het verzoek om schadevergoeding wordt afgewezen omdat niet vaststaat dat appellante schade heeft geleden. CIZ wordt veroordeeld in de proceskosten van appellante.
Uitkomst: Het besluit van 24 juni 2013 wordt vernietigd en appellante krijgt een hogere indicatie toegewezen voor begeleiding individueel klasse 4 en persoonlijke verzorging klasse 2.