ECLI:NL:CRVB:2015:594

Centrale Raad van Beroep

Datum uitspraak
27 februari 2015
Publicatiedatum
27 februari 2015
Zaaknummer
13-3996 AKW
Type
Uitspraak
Uitkomst
Afwijzend
Procedures
  • Herziening
Rechters
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 8:119 Awb
Verwijzingen
4 uitgaand
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Afwijzing verzoek om herziening uitspraak kinderbijslag

Verzoeker heeft bij de Centrale Raad van Beroep verzocht om herziening van een eerdere uitspraak van 20 maart 2013, waarin zijn verzet ongegrond werd verklaard. De Raad heeft onderzocht of er nieuwe feiten of omstandigheden waren die herziening konden rechtvaardigen, zoals vereist in artikel 8:119 van Pro de Algemene wet bestuursrecht.

De Raad oordeelde dat het verzoek geen nieuwe feiten of omstandigheden bevatte die niet eerder bekend waren en die tot een andere uitspraak hadden kunnen leiden. Verzoeker stelde dat hij het griffierecht wel had betaald en vroeg om een nieuwe beoordeling van zijn recht op kinderbijslag, maar dit vormde geen grond voor herziening.

De Raad benadrukte dat het rechtsmiddel van herziening niet bedoeld is om een hernieuwde discussie over de zaak te voeren of om de juistheid van de eerdere uitspraak aan te vechten. Het verzoek werd daarom afgewezen. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.

Uitkomst: Het verzoek om herziening wordt afgewezen wegens het ontbreken van nieuwe feiten of omstandigheden.

Uitspraak

13/3996 AKW
Datum uitspraak: 27 februari 2015
Centrale Raad van Beroep
Enkelvoudige kamer
Uitspraak op het verzoek om herziening van de uitspraak van de Raad van 20 maart 2013, 12/5064
Partijen:
[verzoeker] te [woonplaats], Marokko (verzoeker)
de Raad van bestuur van de Sociale verzekeringsbank (Svb)
PROCESVERLOOP
Verzoeker heeft verzocht om herziening van de uitspraak van de Raad van 20 maart 2013.
De Svb heeft geen reactie op dit verzoek om herziening ingezonden.
Het onderzoek ter zitting heeft plaatsgevonden op 16 januari 2015. Verzoeker is daarbij niet verschenen. De Svb heeft zich laten vertegenwoordigen door F.M. Aalders

OVERWEGINGEN

1. Ingevolge artikel 8:119, eerste lid, van de Algemene wet bestuursrecht (Awb) kan een onherroepelijk geworden uitspraak op verzoek van een partij worden herzien op grond van feiten en omstandigheden die:
a. hebben plaatsgevonden vóór de uitspraak,
b. bij de indiener van het verzoekschrift vóór de uitspraak niet bekend waren en redelijkerwijs niet bekend konden zijn, en
c. waren zij bij de bestuursrechter eerder bekend geweest, tot een andere uitspraak zouden hebben kunnen leiden.
2. Bij zijn uitspraak van 20 maart 2013 heeft de Raad het tegen de uitspraak van de Raad van 14 december 2012 gedane verzet ongegrond verklaard. De Raad heeft in deze uitspraak geoordeeld dat verzoek om herziening van de uitspraak van de Raad van 25 mei 2012 (11/1855) terecht niet-ontvankelijk is verklaard, omdat het verschuldigde griffierecht niet is betaald.
3. Verzoeker heeft aan zijn verzoek om herziening ten grondslag gelegd dat hij destijds het griffierecht wel heeft betaald en dat hij een nieuwe beoordeling wenst van zijn recht op een kinderbijslag ingevolge de Algemene Kinderbijslagwet.
4. Het is vaste rechtspraak van de Raad (zie bijvoorbeeld de uitspraak van de Raad van
11 april 2014, ECLI:NL:CRVB:2014:1218) dat het (bijzondere) rechtsmiddel van herziening niet is gegeven om een hernieuwde discussie over een zaak te voeren en evenmin om een discussie over de juistheid van de betrokken uitspraak te openen. Het verzoek om herziening dient te worden afgewezen, nu niet is gebleken dat verzoeker enig nieuw feit of enige nieuwe omstandigheid, zoals bedoeld in artikel 8:119 van Pro de Awb, naar voren heeft gebracht. Het verzoek om herziening bevat immers geen gronden die betrekking hebben op de reden waarom het verzet bij de uitspraak van 20 maart 2013 ongegrond is verklaard.
5. Voor een proceskostenveroordeling bestaat geen aanleiding.

BESLISSING

De Centrale Raad van Beroep wijst het verzoek om herziening af.
Deze uitspraak is gedaan door E.E.V. Lenos, in tegenwoordigheid van M. Crum als griffier. De beslissing is uitgesproken in het openbaar op 27 februari 2015.
(getekend) E.E.V. Lenos
(getekend) M. Crum

NK

DÉCISION

La Centrale Raad van Beroep (Cour d'Appel Centrale),
statue:
Rejète la demande de révision.
Par conséquent, décidée par E.E.V. Lenos en présence de M. Crum en qualité de greffier, ainsi que prononcée en public, le 27 février 2015