ECLI:NL:CRVB:2015:640
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Afwijzing bijzondere bijstand voor bril, tandheelkundige hulp, fiets, vloerbedekking en gordijnen
Appellant, bijstandsgerechtigde sinds 2011, vroeg bijzondere bijstand aan voor kosten van een bril, tandheelkundige hulp, een fiets, vloerbedekking en gordijnen. Het college wees de aanvraag af omdat deze kosten onder de algemeen noodzakelijke kosten van het bestaan vielen of konden worden vergoed via voorliggende voorzieningen zoals de Zorgverzekeringswet.
De rechtbank verklaarde het beroep van appellant ongegrond. In hoger beroep betoogde appellant dat zijn financiële situatie het onmogelijk maakt om deze kosten zelf te dragen of te reserveren, en dat er sprake is van dringende redenen. De Raad overwoog dat de Zorgverzekeringswet als voorliggende voorziening geldt voor bril en tandheelkundige zorg, ook als appellant geen aanvullende verzekering heeft. Voor de overige kosten geldt dat deze in principe uit het inkomen moeten worden betaald, tenzij bijzondere omstandigheden aannemelijk worden gemaakt.
De Raad vond geen zeer dringende redenen of bijzondere omstandigheden die bijzondere bijstand rechtvaardigen. Schulden vormen geen bijzondere omstandigheid. Omdat appellant de kosten niet met stukken onderbouwde en geen bijzondere omstandigheden aannemelijk maakte, bevestigde de Raad het bestreden besluit en de uitspraak van de rechtbank.
Uitkomst: De aanvraag om bijzondere bijstand wordt afgewezen en de uitspraak van de rechtbank bevestigd.