ECLI:NL:CRVB:2016:1008
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- T.L. de Vries
- H.J. Simon
- E.E.V. Lenos
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep niet-ontvankelijk wegens ontbreken procesbelang bij kinderbijslaggeschil
In deze zaak staat de verdeling van de kinderbijslag over het derde kwartaal van 2011 tot en met het tweede kwartaal van 2012 centraal. Appellant had hoger beroep ingesteld tegen een besluit van de Sociale verzekeringsbank (Svb) omtrent de betaling van kinderbijslag na een wijziging in de gezinssamenstelling. De Svb heeft ter uitvoering van een eerdere tussenuitspraak een nieuw besluit genomen waarin is vastgesteld dat appellant recht heeft op 50% van de kinderbijslag voor de betreffende periode. Dit nieuwe besluit vervangt het eerdere besluit op bezwaar.
Appellant heeft in zijn zienswijze aangegeven zich te kunnen vinden in de 50/50 verdeling van de kinderbijslag. Belanghebbende heeft niet gereageerd op de uitnodiging om te reageren. Omdat er geen inhoudelijk geschil meer bestaat over de periode die in hoger beroep aan de orde is, verklaart de Raad het hoger beroep niet-ontvankelijk wegens het ontbreken van procesbelang.
De Raad veroordeelt de Svb in de proceskosten van appellant, begroot op € 496,- voor verleende rechtsbijstand in beroep, en bepaalt dat de Svb het betaalde griffierecht van € 164,- aan appellant vergoedt. De uitspraak is gedaan door de meervoudige kamer van de Centrale Raad van Beroep op 18 maart 2016.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt niet-ontvankelijk verklaard wegens het ontbreken van procesbelang.