ECLI:NL:CRVB:2016:1714
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Afwijzing aanvraag bijstand wegens onduidelijke woon- en leefsituatie dak- en thuisloze
Appellant ontving eerder bijstand en een inkomensvoorziening, welke door het college werden ingetrokken vanwege het niet melden van een wijziging in zijn woonadres. Na een nieuwe aanvraag voor bijstand in juni 2013, waarbij appellant aangaf te verblijven op verschillende adressen en in een park, verzocht het college om nadere opgave van verblijfplaatsen. Appellant verstrekte deze informatie niet, waardoor het college de aanvraag afwees.
De rechtbank verklaarde het beroep tegen deze afwijzing ongegrond. In hoger beroep bevestigde de Centrale Raad van Beroep deze uitspraak. De Raad oordeelde dat appellant niet had aangetoond dat zijn omstandigheden waren gewijzigd en dat hij onvoldoende controleerbare gegevens over zijn verblijfplaatsen had verstrekt, ondanks herhaalde verzoeken.
De Raad benadrukte dat ook van dak- en thuislozen kan worden verlangd dat zij controleerbare informatie over hun verblijfplaatsen geven. Het hoger beroep werd daarom verworpen en de afwijzing van de aanvraag gehandhaafd. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: De afwijzing van de bijstandsaanvraag wegens onvoldoende duidelijkheid over de woon- en leefsituatie wordt bevestigd.