Uitspraak
OVERWEGINGEN
BESLISSING
- bevestigt de aangevallen uitspraak;
- wijst het verzoek om veroordeling tot vergoeding van wettelijke rente af.
Centrale Raad van Beroep
Appellante meldde zich ziek op 27 november 2008 wegens een schildkliergezwel en was hersteld verklaard per 25 september 2009. Zij sloot een vrijwillige Ziektewetverzekering af en meldde zich opnieuw ziek op 19 augustus 2013, waarbij 10 maart 2013 als eerste ziektedag werd vastgesteld. Het UWV besloot op 5 september 2013 dat appellante vanaf die datum geen recht had op ziekengeld, wat bij bezwaar werd bevestigd.
De rechtbank verklaarde het beroep van appellante ongegrond. In hoger beroep voerde appellante aan dat haar klachten per 10 maart 2013 zodanig waren toegenomen dat zij niet meer kon werken, gesteund door rapporten van een verzekeringsarts en een psychiater. De Raad beoordeelde dat de medische situatie na 10 maart 2013 niet substantieel verschilden van daarvoor en dat de klachten al eerder bestonden zonder toename van medische behandelingen.
De Raad concludeerde dat het UWV terecht het ziekengeld per 10 maart 2013 had ontzegd omdat er onvoldoende objectieve gegevens waren om arbeidsongeschiktheid aan te nemen. Het hoger beroep werd afgewezen en het verzoek om wettelijke rente werd eveneens geweigerd.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en het besluit van het UWV om per 10 maart 2013 ziekengeld te ontzeggen wordt bevestigd.