ECLI:NL:CRVB:2016:1922
Centrale Raad van Beroep
- Verzet
- Rechtspraak.nl
Verzet tegen niet-ontvankelijkverklaring hoger beroep wegens niet-betaling griffierecht afgewezen
Appellant stelde in hoger beroep dat het griffierecht was betaald, maar de Raad oordeelde dat de betaling betrekking had op een andere procedure. In het verzet heeft de gemachtigde van appellant geen nieuwe gronden aangevoerd die de eerdere uitspraak onjuist zouden maken.
De Centrale Raad van Beroep bevestigt de niet-ontvankelijkverklaring van het hoger beroep en verklaart het verzet ongegrond. Er is geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling.
De uitspraak is gedaan door de enkelvoudige kamer van de Centrale Raad van Beroep op 10 mei 2016, waarbij partijen niet zijn verschenen. De zaak betreft een geschil over de Wet werk en bijstand (WWB).
Uitkomst: Het verzet wordt ongegrond verklaard en de niet-ontvankelijkverklaring van het hoger beroep bevestigd.