ECLI:NL:CRVB:2016:1986
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging afwijzing verzoek herziening buitenlandbijdrage Zorgverzekeringswet
Appellante had bezwaar gemaakt tegen de vaststelling van de buitenlandbijdrage 2008 door het Zorginstituut, dat dit bezwaar ongegrond verklaarde. De rechtbank verklaarde het beroep tegen dit besluit eveneens ongegrond en wees een verzoek tot herziening af omdat appellante geen nieuwe feiten of omstandigheden had aangedragen.
In hoger beroep betoogde appellante dat zij de opgelegde schuld niet kon betalen vanwege haar financiële situatie. De Raad overwoog dat dit geen nieuwe gronden waren en dat de rechtbank deze argumenten al afdoende had gemotiveerd. De Raad onderschreef de overwegingen van de rechtbank en bevestigde de afwijzing van het verzoek tot herziening.
Daarnaast werd vermeld dat partijen afspraken om te overleggen over deelname aan een pilot voor schuldafbetaling. De Raad wees een proceskostenveroordeling af en sprak de beslissing uit in het openbaar op 18 mei 2016.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt afgewezen en de afwijzing van het verzoek tot herziening wordt bevestigd.