Uitspraak
OVERWEGINGEN
BESLISSING
- bevestigt de aangevallen uitspraak voor zover aangevochten;
- wijst het verzoek om veroordeling tot vergoeding van schade af.
Vrijdag webinar: live demo van Lexboost
Centrale Raad van Beroep
Appellant heeft een aanvraag ingediend voor een Wajong-uitkering op grond van arbeidsongeschiktheid vanaf zijn 17e verjaardag. Het UWV wees de aanvraag af omdat niet op verantwoorde wijze kon worden vastgesteld dat appellant op die datum en de daaropvolgende 52 weken arbeidsongeschikt was. De rechtbank verklaarde het beroep ongegrond en wees het verzoek om schadevergoeding af.
In hoger beroep stelde appellant dat hij vanaf zijn geboorte een verstandelijke beperking heeft en dat zijn gezondheidstoestand in 1994/1995 vergelijkbaar was met de periode vanaf 2007, waar wel medische gegevens over beschikbaar zijn. De Raad overwoog dat vanwege de laattijdige aanvraag de bewijslast bij appellant ligt en dat het medisch beeld uit die periode niet op verantwoorde wijze kan worden vastgesteld.
De Raad onderschreef het oordeel van de rechtbank dat er geen concrete aanknopingspunten zijn om het verzekeringsgeneeskundig onderzoek te betwisten. Het hoger beroep werd afgewezen en het verzoek om schadevergoeding werd eveneens afgewezen. De uitspraak werd gedaan door C.C.W. Lange, in aanwezigheid van griffier J.W.L. van der Loo.
Uitkomst: De aanvraag voor een Wajong-uitkering wordt afgewezen wegens onvoldoende bewijs van arbeidsongeschiktheid op de 17e verjaardag en de daaropvolgende 52 weken.