ECLI:NL:CRVB:2016:2325
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging verlies recht op Ziektewetuitkering wegens voldoende verdiencapaciteit na ziekte
Appellante was werkzaam als callcentermedewerker en meldde zich ziek met rug- en schouderklachten. Na een verzekeringsgeneeskundig en arbeidskundig onderzoek stelde het UWV vast dat zij vanaf 3 juni 2014 geen recht meer had op Ziektewetuitkering omdat zij meer dan 65% van haar eerdere loon kon verdienen.
Appellante voerde in hoger beroep aan dat haar beperkingen werden onderschat en dat zij niet in staat was te werken vanwege ernstige pijnklachten en beperkingen in zitten, lopen en staan. Het UWV handhaafde haar standpunt dat zij geschikt was voor bepaalde functies.
De Raad oordeelde dat het verzekeringsgeneeskundig onderzoek zorgvuldig was uitgevoerd, waarbij rekening was gehouden met medische rapporten van specialisten. De beperkingen van appellante waren adequaat vastgesteld en de functies die zij kon vervullen waren medisch passend.
Gezien het ontbreken van nieuwe medische bewijzen die het standpunt van de verzekeringsarts zouden ondermijnen, werd het hoger beroep ongegrond verklaard en de eerdere uitspraak bevestigd.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en het verlies van recht op Ziektewetuitkering bevestigd.