ECLI:NL:CRVB:2016:2932
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Afwijzing bijzondere bijstand voor kosten bewindvoering bevestigd
Appellante ontvangt een uitkering op grond van de Wet inkomensvoorziening oudere en gedeeltelijk arbeidsongeschikte werkloze werknemers en is onder bewind gesteld in het kader van een schuldsaneringsregeling. Zij vroeg bijzondere bijstand aan voor de kosten van bewindvoering, welke door het dagelijks bestuur van de Intergemeentelijke Sociale Dienst Noordenkwartier werd afgewezen omdat deze kosten uit de boedel voldaan moeten worden.
De rechtbank Noord-Nederland verklaarde het beroep tegen deze afwijzing ongegrond. In hoger beroep betoogde appellante dat de kosten van bewindvoering in de praktijk toch in rekening worden gebracht, ook als het inkomen geen ruimte biedt, en dat zij recht heeft op vergoeding van kosten van de bezwaarprocedure omdat het primaire besluit onjuist was.
De Raad oordeelt dat bijzondere bijstand voor de salariskosten van de bewindvoerder niet kan worden toegekend indien het inkomen geen ruimte biedt voor betaling hiervan, conform vaste rechtspraak. Daarnaast is het standpunt van appellante dat zij vergoeding van bezwaar- en proceskosten toekomt niet gegrond, omdat het bestreden besluit niet is herroepen in de zin van artikel 7:15 Awb Pro. Het hoger beroep wordt daarom afgewezen en de aangevallen uitspraak bevestigd.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt afgewezen en de afwijzing van de bijzondere bijstand voor bewindvoeringskosten bevestigd.