Uitspraak
23 januari 2015, 14/19 (aangevallen uitspraak)
OVERWEGINGEN
9 maart 2011 is beëindigd. Gelet op het bepaalde in de in 1.1 genoemde overeenkomst betekent dit dat daarmee ook de overeenkomst is beëindigd. Dit vloeit voort uit de bepalingen in die overeenkomst. Op basis van die overeenkomst bestaat na 9 maart 2011 dan ook geen verplichting meer tot loonbetaling. Appellante heeft daarna weliswaar haar dochter nog ruim een jaar verzorgd (en verpleegd), maar dat is niet geschied op basis van de in 1.1 genoemde overeenkomst. Deze is immers geëindigd.
BESLISSING
F.M.S. Requisizione als leden, in tegenwoordigheid van I.G.A.H. Toma als griffier. De beslissing is uitgesproken in het openbaar op 3 augustus 2016.