ECLI:NL:CRVB:2016:304
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Beëindiging Ziektewetuitkering wegens geschiktheid voor geselecteerde functies
Appellant ontving een Ziektewetuitkering die door het UWV werd beëindigd op grond van een medische beoordeling dat hij in staat is ten minste één van de geselecteerde functies te verrichten. Appellant maakte bezwaar en stelde dat zijn fysieke en psychische klachten hem verhinderen arbeid te verrichten.
De rechtbank oordeelde dat het UWV zorgvuldig heeft gehandeld en alle relevante medische feiten heeft betrokken. In hoger beroep voerde appellant aan dat zijn klachten ernstige beperkingen veroorzaken, waaronder ADHD-gerelateerde symptomen, maar de verzekeringsarts bezwaar en beroep concludeerde dat deze klachten reeds waren meegewogen en dat appellant geschikt is voor licht fysieke functies.
De Raad onderschrijft het oordeel van de rechtbank en het standpunt van de verzekeringsarts. Nieuwe medische gegevens van latere datum konden niet worden betrokken bij de beoordeling van de situatie op de datum in geding. Het hoger beroep wordt verworpen en de beëindiging van de Ziektewetuitkering bevestigd.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep bevestigt de beëindiging van de Ziektewetuitkering wegens geschiktheid voor ten minste één van de geselecteerde functies.