ECLI:NL:CRVB:2016:3056
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Afwijzing aanvraag indicatie Begeleiding en Behandeling op grond van AWBZ bevestigd
Appellante, bekend met borderline, verslavingsproblematiek, angststoornis en ADHD, vroeg op 11 januari 2013 een indicatie aan bij het CIZ voor Begeleiding en Behandeling op grond van de AWBZ. Het CIZ wees dit verzoek op 28 februari 2013 af, en verklaarde het bezwaar op 6 augustus 2013 ongegrond, gebaseerd op een medisch advies dat matige beperkingen constateerde en aanwezige behandelopties binnen de Zorgverzekeringswet (Zvw).
De rechtbank Limburg verklaarde het beroep tegen deze afwijzing ongegrond, omdat het medisch advies zorgvuldig was en er geen aanwijzingen waren dat appellante uitbehandeld was. Appellante stelde in hoger beroep dat zij geen Zvw-behandeling meer kon krijgen, maar bracht geen nieuwe feiten of argumenten aan.
De Centrale Raad van Beroep onderschreef de motivering van de rechtbank en bevestigde de afwijzing van de aanvraag. Er was geen aanleiding voor proceskostenveroordeling. Hiermee blijft het CIZ-besluit in stand dat appellante geen aanspraak heeft op AWBZ-zorg voor Begeleiding en Behandeling zolang passende zorg vanuit de Zvw beschikbaar is.
Uitkomst: De afwijzing van de aanvraag voor een AWBZ-indicatie voor Begeleiding en Behandeling wordt bevestigd.