ECLI:NL:CRVB:2016:3834
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- R.H.M. Roelofs
- Y.J. Klik
- J.L. Boxum
- Rechtspraak.nl
Beëindiging bijstand wegens niet gemelde woning in Marokko
Appellant ontving bijstand op grond van de WWB en werd geconfronteerd met een anonieme melding over een woning in Marokko. Een onderzoek door de gemeente Leiden en een attaché van de Nederlandse ambassade concludeerden dat appellant eigenaar is van een woning in Marokko, hoewel deze niet op zijn naam in het kadaster staat. Appellant voerde aan dat de woning eigendom was van zijn echtgenote, die een schenking had ontvangen om de woning te kopen, maar kon dit niet aannemelijk maken.
De Raad oordeelde dat het college voldoende aannemelijk had gemaakt dat de woning tot het vermogen van appellant behoort en dat appellant zijn inlichtingenverplichting had geschonden door dit niet te melden. De waarde van de woning werd vastgesteld op €52.470,- en viel buiten de vermogensvrijstelling, waardoor het recht op bijstand verviel.
Het hoger beroep werd ongegrond verklaard, de eerdere uitspraak van de rechtbank bevestigd en het verzoek om schadevergoeding afgewezen. Er werd geen proceskostenveroordeling uitgesproken.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de beëindiging van de bijstand bevestigd.