ECLI:NL:CRVB:2016:4374
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging afwijzing aanvraag bijzondere bijstand eigen bijdrage rechtsbijstand wegens te late indiening
Appellant vroeg bijzondere bijstand aan voor de kosten van de eigen bijdrage voor rechtsbijstand, maar het college wees de aanvraag af omdat deze niet tijdig was ingediend. De rechtbank verklaarde het beroep gegrond en vernietigde het besluit, omdat het college niet had getoetst aan de vaste gedragslijn dat een aanvraag binnen vier weken na het bewijsstuk moet worden ingediend.
In hoger beroep betwist appellant dat er een termijn van vier weken geldt. Het college handhaafde het besluit op grond van het feit dat de aanvraag betrekking had op toevoegingen die ouder waren dan vier weken bij indiening. De Raad oordeelt dat de vaste gedragslijn als buitenwettelijk begunstigend beleid geldt en dat het college dit beleid consistent heeft toegepast.
Omdat appellant geen bewijs leverde dat het college in de praktijk een ruimere termijn hanteerde en de aanvraag duidelijk te laat was, wordt het hoger beroep ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd. Er worden geen proceskosten toegewezen.
Uitkomst: Het beroep wordt ongegrond verklaard en de afwijzing van de aanvraag bijzondere bijstand wegens te late indiening bevestigd.