ECLI:NL:RBDHA:2021:13512
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing aanvraag bijzondere bijstand voor eigen bijdrage rechtsbijstand wegens te late indiening
Eiser vroeg bijzondere bijstand aan voor de eigen bijdrage van €145,- voor rechtsbijstand en griffierecht van €47,-. De ISD Bollenstreek kende alleen de bijzondere bijstand voor het griffierecht toe, maar wees de aanvraag voor de eigen bijdrage af wegens te late indiening, conform artikel 6 van Pro de Uitvoeringsregels bijzondere bijstand en artikel 44 van Pro de Participatiewet.
Eiser stelde dat de termijn van één maand niet duidelijk was gecommuniceerd en dat hij de aanvraag tijdig had ingediend na ontvangst van de nota van zijn advocaat. De rechtbank oordeelde dat de Uitvoeringsregels voldoende kenbaar zijn gemaakt en dat de kosten van rechtsbijstand vanaf het moment van de beschikking van de Raad voor Rechtsbijstand (4 juli 2019) bekend waren. De aanvraag van 22 augustus 2019 was daarmee te laat.
De rechtbank volgde de vaste rechtspraak van de Centrale Raad van Beroep dat de termijn strikt moet worden nageleefd en dat het beleid consistent is toegepast. Er waren geen bijzondere omstandigheden die een uitzondering rechtvaardigen. Daarom werd het beroep ongegrond verklaard en het besluit van de ISD Bollenstreek gehandhaafd.
Uitkomst: Het beroep van eiser tegen de afwijzing van bijzondere bijstand voor de eigen bijdrage rechtsbijstand wordt ongegrond verklaard.