ECLI:NL:CRVB:2016:4417
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging besluit bijzondere bijstand woninginrichting conform gemeentelijk beleid
Appellant vroeg bijzondere bijstand aan voor woninginrichting na zijn echtscheiding, waarbij hij geen eigen inboedel had. Het college kende bijzondere bijstand toe van €3.773,-, waarvan de helft als lening en de helft als gift, conform het gemeentelijk beleid dat duurzame gebruiksgoederen als leenbijstand worden verstrekt.
Appellant voerde aan dat hij geen financieel besef van verantwoordelijkheid tekort had en dat bijzondere omstandigheden tot afwijking van het beleid noodzaakten. De rechtbank verklaarde het beroep ongegrond en de Centrale Raad van Beroep bevestigde dit in hoger beroep.
De Raad oordeelde dat appellant niet voldeed aan de voorwaarden om van het beleid af te wijken, omdat hij sinds oktober 2013 een inkomen boven bijstandsniveau had. Zijn keuze om de inboedel niet te verdelen kan niet leiden tot afwijking van het beleid. Het college had al ten gunste van appellant van het beleid afgeweken door de helft van de bijstand als gift toe te kennen.
Daarom werd het hoger beroep verworpen en de uitspraak van de rechtbank bekrachtigd. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep bevestigt het besluit om bijzondere bijstand deels als lening en deels als gift toe te kennen volgens het gemeentelijk beleid.