ECLI:NL:CRVB:2016:46
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep niet-ontvankelijk wegens gebrek aan procesbelang bij arbeidsverplichting WWB
Appellant ontving bijstand op grond van de Wet werk en bijstand (WWB) en kreeg arbeidsverplichtingen opgelegd vanwege medische beperkingen. Het college stelde deze arbeidsverplichtingen in 2012 vast voor 20 uur per week, later verhoogd naar 30 uur per week in 2013 na een nieuw medisch onderzoek.
Appellant stelde beroep in tegen het besluit van 2012, maar de rechtbank verklaarde dit beroep ongegrond. In hoger beroep betoogde appellant dat zijn medische beperkingen zodanig ernstig waren dat hij volledig ontheven moest worden van de arbeidsverplichtingen.
De Raad oordeelt echter dat appellant geen procesbelang heeft bij het hoger beroep omdat het college in 2013 de arbeidsverplichtingen opnieuw heeft vastgesteld, waardoor het eerdere besluit geen feitelijke betekenis meer heeft. Ook is geen sprake van schade of maatregelen tegen appellant. Daarom verklaart de Raad het hoger beroep niet-ontvankelijk.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt niet-ontvankelijk verklaard wegens gebrek aan procesbelang.