ECLI:NL:CRVB:2016:5040
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- R.H.M. Roelofs
- Rechtspraak.nl
Bevestiging intrekking en terugvordering bijstand wegens verblijf buiten gemeente
Appellant ontving vanaf november 2011 bijstand als alleenstaande dakloze in Amsterdam. Na een tip dat appellant sinds april 2012 bij zijn vriendin in Hilversum verbleef, startte de gemeente een onderzoek. Op basis van een verklaring van appellant en het onderzoek trok het college de bijstand met terugwerkende kracht in en vorderde de uitbetaalde bedragen terug.
Appellant voerde aan dat zijn verklaring tegenstrijdig en onjuist was en dat het college nader onderzoek had moeten doen. De Raad oordeelde echter dat de verklaring, afgelegd en ondertekend tijdens het onderzoek, betrouwbaar was en dat de latere ontkenningen onvoldoende waren onderbouwd. De rechtbank had dan ook terecht geoordeeld dat appellant niet in Amsterdam woonde gedurende de periode in geschil.
De Raad bevestigde het besluit tot intrekking en terugvordering van bijstand over de periode van 2 april 2012 tot en met 19 maart 2014. Het verzoek tot schadevergoeding werd afgewezen en er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: De intrekking en terugvordering van bijstand worden bevestigd omdat appellant niet in Amsterdam woonde en zijn inlichtingenplicht schond.