Uitspraak
16.739 PW
OVERWEGINGEN
BESLISSING
inachtneming van deze uitspraak en bepaalt dat tegen het nieuw te nemen besluit op bezwaar
slechts bij de Raad beroep kan worden ingesteld;
griffierecht van in totaal € 169,- vergoedt.
Centrale Raad van Beroep
Appellant ontving bijstand als alleenstaande en werd terugvordering opgelegd vanwege het verzwegen voeren van een gezamenlijke huishouding met L, die ook bijstand ontving. Na onderzoek en waarnemingen concludeerde het dagelijks bestuur dat appellant en L samenwoonden, wat leidde tot intrekking van L's bijstand en terugvordering van kosten van bijstand van beide.
De rechtbank verklaarde het beroep ongegrond, maar in hoger beroep oordeelt de Raad dat voor de periode tot 22 juni 2014 de grondslag voor terugvordering is komen te vervallen. Voor de periode van 23 juni tot 21 juli 2014 is wel sprake van gezamenlijke huishouding en recht op terugvordering, maar appellant en L hebben recht op bijstand naar de gehuwdennorm, wat bij de terugvordering moet worden betrokken.
De Raad vernietigt het bestreden besluit en draagt het dagelijks bestuur op een nieuwe beslissing te nemen, rekening houdend met het recht op bijstand naar de gehuwdennorm. Tevens wordt het dagelijks bestuur veroordeeld in de kosten van appellant en wordt het betaalde griffierecht vergoed.
Uitkomst: Het beroep wordt gegrond verklaard en het besluit tot terugvordering wordt vernietigd met opdracht tot een nieuwe beslissing rekening houdend met het recht op bijstand naar de gehuwdennorm.