ECLI:NL:CRVB:2017:2005
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- F. Hoogendijk
- P.W. van Straalen
- J.M.A. van der Kolk-Severijns
- Rechtspraak.nl
Bevestiging intrekking bijstand wegens niet opgegeven verhuiskostenvergoeding en vermogen boven grens
Appellanten ontvingen sinds april 2011 bijstand op grond van de Wet werk en bijstand (WWB). Naar aanleiding van een anonieme tip startte het college van burgemeester en wethouders van Culemborg een onderzoek toen bleek dat appellanten een verhuiskostenvergoeding van €60.000 hadden ontvangen van een woningbouwvereniging. Deze vergoeding was niet opgegeven bij de aanvraag van de bijstand.
Het college concludeerde dat appellanten vanaf 1 oktober 2012 beschikten over een vermogen van €35.000, wat de vermogensgrens overschreed. Daarom werd de bijstand ingetrokken en de onterecht ontvangen bedragen teruggevorderd. Appellanten voerden in hoger beroep aan dat zij hun inlichtingenverplichting niet hadden geschonden en dat de vergoeding gelabeld was voor verhuiskosten en inrichting, waardoor deze niet tot het vermogen gerekend mocht worden.
De Raad oordeelde dat appellanten de verhuiskostenvergoeding niet hadden gemeld, ondanks dat contacten tussen woningbouwvereniging en gemeente dit niet vervingen. Ook was niet gebleken dat de vergoeding niet voor levensonderhoud kon worden gebruikt. Daarom werd het hoger beroep ongegrond verklaard en de intrekking van de bijstand bevestigd.
Uitkomst: De intrekking en terugvordering van bijstand wegens niet opgegeven verhuiskostenvergoeding en vermogen boven de grens wordt bevestigd.