ECLI:NL:CRVB:2017:2228
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Gebreken in medische onderbouwing Ziektewetbesluiten en herstelopdracht aan UWV
Appellante was werkzaam als keukenhulp en schoonmaakster en meldde zich ziek wegens schouder- en psychische klachten. Het UWV stelde op basis van verzekeringsartsen dat zij geschikt was voor haar werkzaamheden en beëindigde haar Ziektewetuitkering. De rechtbank verklaarde de beroepen tegen deze besluiten ongegrond.
In hoger beroep betwist appellante de medische beoordeling, met name de onderschatting van haar psychische klachten, en verzocht om een onafhankelijke deskundige. Het UWV handhaafde haar standpunt dat de besluiten juist zijn.
De Raad concludeert dat de medische onderbouwing van het UWV onvoldoende is, mede gelet op rapporten van behandelaars en een multidisciplinair onderzoek die een ernstiger beeld schetsen. De Raad draagt het UWV op binnen zes weken de gebreken in de besluiten te herstellen, zodat een definitieve beslissing kan volgen.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep draagt het UWV op binnen zes weken de gebreken in de bestreden besluiten te herstellen.