Uitspraak
OVERWEGINGEN
.
Centrale Raad van Beroep
Appellant was werkzaam bij het Centraal Bureau voor Genealogie (CBG) en werd in het kader van een reorganisatie aangewezen als boventallig medewerker. De stichting verklaarde de bezwaren van appellant tegen eerdere brieven ongegrond. De rechtbank verklaarde zich onbevoegd omdat de stichting niet tot de openbare dienst behoort en appellant geen ambtenaar is.
Appellant stelde in hoger beroep dat de minister van OCW wel invloed heeft op het beheer van de stichting en dat hij daarom als ambtenaar moet worden aangemerkt. De Raad oordeelde dat de statuten onvoldoende aanwijzingen geven voor overwegende overheidsinvloed en dat de subsidierelatie geen zelfstandige betekenis heeft.
De Raad concludeerde dat de stichting niet tot de openbare dienst behoort, de directeur geen bestuursorgaan is en de bestreden beslissing geen besluit in de zin van de Awb is. Daarom is alleen de burgerlijke rechter bevoegd. Het hoger beroep werd verworpen en de aangevallen uitspraak bevestigd.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep bevestigt dat de stichting niet tot de openbare dienst behoort en verklaart het hoger beroep ongegrond.