ECLI:NL:CRVB:2017:2400

Centrale Raad van Beroep

Datum uitspraak
13 juli 2017
Publicatiedatum
13 juli 2017
Zaaknummer
16/4903 AW
Type
Uitspraak
Uitkomst
Afwijzend
Procedures
  • Hoger beroep
Rechters
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 3 Regeling overgang naar een LFNP functie
Verwijzingen
4 uitgaand
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Bevestiging van functiewaardering en matching binnen het Landelijk Functiegebouw Nederlandse Politie

Appellanten hebben beroep ingesteld tegen besluiten van de korpschef die hun functie binnen het Landelijk Functiegebouw Nederlandse Politie (LFNP) hebben vastgesteld op schaal 10 als Beleidsmedewerker B en later Bedrijfsvoering Specialist B. Zij voerden aan dat hun korpsfunctie niet correct was gewaardeerd en dat de matching niet conform de Regeling had plaatsgevonden.

De Raad verwijst naar eerdere jurisprudentie waarin is vastgesteld dat de formele functiebeschrijving en de daarbij behorende schaal het uitgangspunt vormen bij de matching. Appellanten hadden de mogelijkheid om functieonderhoud aan te vragen indien zij meenden dat hun functie niet juist was gewaardeerd, wat zij niet hebben gedaan.

De Raad concludeert dat de korpschef terecht is uitgegaan van de bestaande functiewaardering uit 2007 en dat de matching correct is uitgevoerd. Het hoger beroep wordt afgewezen en de eerdere uitspraken van de rechtbank worden bevestigd.

Uitkomst: Het hoger beroep wordt afgewezen en de eerdere uitspraken worden bevestigd.

Uitspraak

16/4903 AW, 16/4904 AW
Datum uitspraak: 13 juli 2017
Centrale Raad van Beroep
Meervoudige kamer
Uitspraak op de hoger beroepen tegen de uitspraken van de rechtbank Rotterdam van
23 juni 2016, 14/5563 en 14/5549 (aangevallen uitspraken)
Partijen:
[appellant 1] te [woonplaats 1] en [appellant 2] te [woonplaats 2] (appellanten)
de korpschef van politie (korpschef)
PROCESVERLOOP
Namens appellanten heeft mr. W.J. Dammingh, advocaat, hoger beroep ingesteld.
De korpschef heeft een verweerschrift ingediend.
Het onderzoek ter zitting heeft, gevoegd met de zaken 16/4689 AW tot en met 16/4695 AW, 16/5077 AW en 16/5078 AW, plaatsgevonden op 2 juni 2017. Appellanten werden vertegenwoordigd door mr. W. de Klein, advocaat, die mr. Dammingh verving. De korpschef werd vertegenwoordigd door mr. V. de Kruijf-Stellaard, mr. drs. M.J.M. Suijs en
L.M. van den Hil.
In de gevoegde zaken wordt heden afzonderlijk uitspraak gedaan.

OVERWEGINGEN

1.1.
Voor het kader en de regelgeving van dit hoger beroep verwijst de Raad naar zijn uitspraken van 1 juni 2015 (ECLI:NL:CRVB:2015:1550 en ECLI:NL:CRVB:2015:1663).
1.2.
De korpschef heeft de uitgangspositie van appellanten voor hun toekomstige functie in het kader van het Landelijk Functiegebouw Nederlandse Politie (LFNP) bepaald op Beleidsmedewerker B (schaal 10). Deze besluiten staan in rechte vast.
1.3.
Op 16 december 2013 heeft de korpschef ten aanzien van appellanten besloten tot toekenning van en overgang naar de LFNP-functie van Bedrijfsvoering Specialist B, in het domein Ondersteuning in het vakgebied Bedrijfsvoeringspecialismen met bijbehorende
schaal 10.
1.4.
Bij de besluiten van 4 juli 2014 (bestreden besluiten) zijn de hiertegen gemaakte bezwaren ongegrond verklaard.
2. Bij de aangevallen uitspraken heeft de rechtbank de beroepen van appellanten ongegrond verklaard.
3. Naar aanleiding van wat appellanten in hoger beroep hebben aangevoerd, komt de Raad tot de volgende beoordeling.
3.1.
In de onder 1.1 genoemde uitspraken van 1 juni 2015 heeft de Raad overwogen dat de korpschef bij besluiten over de toekenning van en overgang naar een LFNP-functie ervan mag uitgaan dat toepassing van de voor het matchingsproces geldende regels tot de in de transponeringstabel vermelde uitkomst leidt. Hij mag in beginsel volstaan met een verwijzing naar de transponeringstabel. Het is aan de betrokken politieambtenaar om aannemelijk te maken dat de matching niet overeenkomstig de Regeling overgang naar een LFNP functie (Regeling) is geschied of dat het resultaat van de matching anderszins onhoudbaar is te achten.
3.2.
Appellanten stellen dat de matching niet overeenkomstig de Regeling is geschied, omdat hun korpsfunctie ten onrechte niet is gewaardeerd en de schaal daarvan niet vaststaat. Omdat de matching op schaal plaatsvindt had de korpschef eerst de functie moeten laten waarderen, aldus appellanten.
3.3.
Dit betoog slaagt niet. Uit de gedingstukken blijkt, anders dan appellanten stellen, dat de korpsfunctie van Beleidsmedewerker B in 2007 is gewaardeerd en wel op schaal 10. Zoals ook in de uitspraken van 1 juni 2015 is overwogen, is uitgangspunt bij de matching conform het bepaalde in artikel 3 van Pro de Regeling steeds de formele functiebeschrijving geweest en de daarbij behorende schaal, zo ook in het geval van appellanten. Indien appellanten van mening waren dat hun functie nooit goed is beschreven en gewaardeerd, had het op hun weg gelegen om in het kader van het LFNP functieonderhoud aan te vragen. Een geslaagd beroep op functieonderhoud zou immers hebben geleid tot een nieuwe functiewaardering en daarmee mogelijkerwijs tot een hogere functieschaal en een andere uitgangspositie. Nu appellanten geen functieonderhoud hebben aangevraagd, dient dit voor hun rekening en risico te blijven en is de matching terecht geschied op basis van de in 1.2 genoemde uitgangspositie en de daarbij behorende schaal.
3.4.
De hoger beroepen slagen niet en de aangevallen uitspraken dienen te worden bevestigd.
4. Voor een veroordeling in de proceskosten bestaat geen aanleiding.

BESLISSING

De Centrale Raad van Beroep bevestigt de aangevallen uitspraken.
Deze uitspraak is gedaan door N.J. van Vulpen-Grootjans als voorzitter en J.N.A. Bootsma en H.A.A.G. Vermeulen als leden, in tegenwoordigheid van J. Tuit als griffier. De beslissing is uitgesproken in het openbaar op 13 juli 2017.
(getekend) N.J. van Vulpen-Grootjans
(getekend) J. Tuit

HD