ECLI:NL:CRVB:2017:2702
Centrale Raad van Beroep
- Herziening
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek om herziening nabestaandenuitkering op grond van de ANW
Verzoekster heeft bij brief verzocht om herziening van de uitspraak van de Raad van 15 juni 2016, waarin haar beroep tegen de weigering van de Sociale verzekeringsbank om een nabestaandenuitkering op grond van de Algemene nabestaandenwet toe te kennen, ongegrond werd verklaard.
De Raad overweegt dat herziening alleen mogelijk is op grond van feiten en omstandigheden die voorafgaand aan de uitspraak hebben plaatsgevonden, niet bekend waren en bij bekendheid tot een andere uitspraak zouden hebben geleid. Het verzoek is niet onredelijk laat ingediend.
Verzoekster stelde dat haar overleden echtgenoot dacht automatisch verzekerd te zijn en dat zij bereid is premies met terugwerkende kracht te betalen. De Raad oordeelt dat dit geen feiten zijn die herziening rechtvaardigen. Het verzoek om herziening is daarom afgewezen. Er is geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling.
Uitkomst: Het verzoek om herziening wordt afgewezen omdat geen nieuwe feiten of omstandigheden zijn aangevoerd die tot een andere uitspraak zouden kunnen leiden.