ECLI:NL:CRVB:2017:2873
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- R.H.M. Roelofs
- Y.J. Klik
- C. van Viegen
- Rechtspraak.nl
Bevestiging buiten behandeling stellen aanvraag bijstand wegens niet tijdig aanleveren gegevens
Appellante diende op 4 september 2014 een aanvraag om bijstand in bij het college van burgemeester en wethouders van Rotterdam. Het college verzocht haar meerdere malen om aanvullende gegevens, maar deze werden niet tijdig verstrekt. Daarom stelde het college de aanvraag op 17 oktober 2014 buiten behandeling. Op 30 oktober 2014 diende appellante opnieuw een aanvraag in, waarop bijstand werd toegekend met ingang van die datum.
Appellante maakte bezwaar tegen het buiten behandeling stellen van de eerste aanvraag en tegen de ingangsdatum van de bijstand bij de tweede aanvraag. De rechtbank Rotterdam verklaarde het beroep ongegrond. In hoger beroep betoogde appellante onder meer dat het buiten behandeling stellen in strijd was met het verbod op détournement de procédure en het speciale karakter van de WWB.
De Raad oordeelde dat het college bevoegd was de aanvraag buiten behandeling te stellen op grond van artikel 4:5 Awb Pro, omdat appellante de gevraagde gegevens niet tijdig had aangeleverd terwijl zij redelijkerwijs over deze gegevens kon beschikken. Het beroep op détournement de procédure en het speciale karakter van de WWB faalde, evenals het betoog dat het college niet alle belangen had meegewogen.
De Centrale Raad van Beroep bevestigde de uitspraak van de rechtbank en wees het hoger beroep af. Er was geen aanleiding voor een veroordeling in de proceskosten.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep bevestigt het besluit tot buiten behandeling stellen van de aanvraag om bijstand wegens het niet tijdig aanleveren van gegevens.