ECLI:NL:CRVB:2017:3014
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep niet-ontvankelijk wegens ontbreken van procesbelang bij afwijzing maatschappelijke opvang
Appellant diende op 1 juni 2015 een aanvraag in bij het college van burgemeester en wethouders van Rotterdam voor maatschappelijke opvang op grond van de Wet maatschappelijke ondersteuning 2015. Het college wees deze aanvraag af en verklaarde het bezwaar van appellant niet-ontvankelijk wegens te late indiening. De rechtbank verklaarde het daarop ingestelde beroep ongegrond.
In hoger beroep betoogde appellant dat hij mogelijk schade had geleden doordat hij elders onderdak moest zoeken. De Centrale Raad van Beroep onderzocht ambtshalve of appellant voldoende procesbelang had. Uit de feiten bleek dat appellant sinds november 2015 een eigen woning had en een bijstandsuitkering ontving, en dat er geen concrete dreiging van dakloosheid was.
De Raad oordeelde dat een formeel of principieel belang onvoldoende is en dat appellant geen concrete schade had gesteld, slechts een veronderstelling. Daarom ontbrak het aan voldoende procesbelang. Het hoger beroep werd niet-ontvankelijk verklaard en er werd geen proceskostenveroordeling uitgesproken.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt niet-ontvankelijk verklaard wegens het ontbreken van voldoende procesbelang.