ECLI:NL:CRVB:2017:4249
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Herziening studiefinanciering en boete bij onrechtmatig bewijs niet gehandhaafd
Betrokkene ontving studiefinanciering op basis van de norm voor uitwonende studenten, terwijl hij ingeschreven stond op een adres waar een vriendin woonde. Controleurs voerden een huisbezoek uit en stelden vast dat betrokkene slechts enkele dagen per week op dat adres verbleef, wat leidde tot herziening van de studiefinanciering naar thuiswonend en een boete.
De rechtbank verklaarde het beroep van betrokkene tegen de herziening ongegrond, maar vernietigde de boete. In hoger beroep oordeelt de Raad dat het bewijs van de controleurs onrechtmatig is verkregen omdat zij niet bevoegd waren volgens de Wsf 2000. Hierdoor ontbreekt een deugdelijke feitelijke grondslag voor de herziening en boete.
De Raad vernietigt daarom het besluit tot herziening en herroept het besluit van 28 september 2013. Het hoger beroep van appellant wordt verworpen, het incidenteel hoger beroep van betrokkene wordt toegewezen. Tevens wordt appellant veroordeeld in de proceskosten van betrokkene.
Uitkomst: De herziening van studiefinanciering en de boete worden vernietigd vanwege onrechtmatig verkregen bewijs.