ECLI:NL:CRVB:2017:4261
Centrale Raad van Beroep
- Tussenuitspraak
- Rechtspraak.nl
Intrekking AIO-aanvulling wegens vermeend woningbezit in Marokko niet voldoende onderbouwd
Appellant ontving een aanvullende inkomensvoorziening ouderen (AIO) en werd op grond van een rapport van de Nederlandse ambassade in Marokko verdacht van het bezit van een woning aldaar. De Sociale Verzekeringsbank (Svb) trok daarop de AIO-aanvulling in en vorderde onterecht betaalde bedragen terug. De rechtbank verklaarde het beroep van appellant ongegrond.
In hoger beroep betwist appellant het eigendom van de woning en stelt dat het rapport onzorgvuldig is opgesteld omdat namen van betrokken medewerkers en lokale autoriteiten ontbreken. De Raad stelt dat de Svb de last heeft om het eigendom aannemelijk te maken, maar dat het rapport onvoldoende feitelijke grondslag biedt om het eigendom te bewijzen.
De Raad oordeelt dat het ontbreken van namen in het rapport de betrouwbaarheid niet aantast, maar dat de verklaringen van lokale autoriteiten en getuigen onvoldoende onderbouwd zijn. Daarom is het besluit strijdig met wettelijke bepalingen en wordt de Svb opgedragen het besluit binnen twaalf weken te herstellen door nader onderzoek en motivering.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep draagt de Sociale Verzekeringsbank op het besluit tot intrekking van de AIO-aanvulling te herstellen wegens onvoldoende feitelijke onderbouwing van het woningbezit.