ECLI:NL:CRVB:2017:714
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Afwijzing maatwerkvoorziening op grond van koppelingsbeginsel Wmo 2015 voor vreemdeling
Appellant, een vreemdeling zonder aanspraak op voorzieningen, verzocht het college van burgemeester en wethouders van Amsterdam om een tijdelijke maatwerkvoorziening in de vorm van passende maatschappelijke opvang. Dit verzoek werd door het college afgewezen op basis van artikel 1.2.2 van de Wet maatschappelijke ondersteuning 2015 (Wmo 2015).
De rechtbank verklaarde het beroep tegen deze afwijzing ongegrond, waarbij werd bevestigd dat appellant geen aanspraak kan maken op een maatwerkvoorziening onder de Wmo 2015 vanwege het koppelingsbeginsel dat vreemdelingen uitsluit.
In hoger beroep stelde appellant dat hij wel recht had op een maatwerkvoorziening, maar de Centrale Raad van Beroep verwijst naar een eerdere uitspraak (ECLI:NL:CRVB:2017:1) en bevestigt dat appellant niet gelijkgesteld is aan een Nederlander en daarom geen aanspraak kan maken op de voorziening. De Raad bevestigt de uitspraak van de rechtbank en wijst het hoger beroep af.
Uitkomst: De afwijzing van de maatwerkvoorziening op grond van de Wmo 2015 voor de vreemdeling wordt bevestigd.