Uitspraak
OVERWEGINGEN
Artikel 8. De wijze en het tijdstip van aanvragen
Centrale Raad van Beroep
Betrokkene ontving een uitkering en vroeg bijzondere bijstand aan voor verhuiskosten die zij reeds had betaald met leningen en bijdragen van familie. Appellant wees de aanvraag af omdat de kosten al voldaan waren. De rechtbank oordeelde dat appellant het gebrek in motivering moest herstellen, maar appellant weigerde dit.
De Centrale Raad van Beroep overweegt dat op grond van vaste rechtspraak en de WWB geen bijzondere bijstand kan worden toegekend voor kosten die al zijn gemaakt en voldaan op het moment van aanvraag. Het buitenwettelijk begunstigend beleid dat terugwerkende kracht tot 12 maanden toestaat, is slechts een beleidsregel die consistent moet worden toegepast, maar leidt niet automatisch tot toekenning.
De Raad vernietigt de opdracht van de rechtbank aan appellant om een nieuwe beslissing te nemen en stelt deze uitspraak in de plaats van het bestreden besluit. De aangevallen tussenuitspraak wordt bevestigd. Er is geen aanleiding voor proceskostenveroordeling.
Uitkomst: De aanvraag bijzondere bijstand voor reeds betaalde verhuiskosten wordt afgewezen en de opdracht tot nieuwe besluitvorming wordt vernietigd.