ECLI:NL:CRVB:2018:1029
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Y.J. Klik
- G.M.G. Hink
- J.T.H. Zimmerman
- Rechtspraak.nl
Vernietiging boete wegens dubbele bestraffing voor niet-melden inkomsten bij bijstand
Appellant ontving bijstand en heeft inkomsten uit werkzaamheden via een uitzendbureau niet gemeld, wat leidde tot herziening van de bijstand en oplegging van twee bestuurlijke boetes. De eerste boete werd opgelegd voor het niet melden van inkomsten over een bepaalde periode, de tweede boete voor een langere periode met hogere inkomsten. De rechtbank verklaarde de beroepen tegen beide besluiten ongegrond.
In hoger beroep stelde appellant dat de tweede boete onterecht was omdat het dezelfde overtreding betrof als de eerste boete, en dat er sprake was van identiteitsfraude. De Raad oordeelde dat de gegevens van het uitzendbureau en de Belastingdienst voldoende betrouwbaar waren en dat appellant onvoldoende bewijs leverde voor identiteitsfraude.
De Raad stelde vast dat de tweede boete betrekking had op dezelfde feiten en dezelfde juridische aard van de overtreding als de eerste boete, namelijk het niet melden van inkomsten uit dezelfde werkzaamheden in overlappende perioden. Daarom was het opleggen van een tweede boete in strijd met artikel 5:43 van Pro de Awb (ne bis in idem). De Raad vernietigde het besluit tot oplegging van de tweede boete en herroept het besluit van 20 juni 2014. De kosten van appellant werden toegewezen.
Uitkomst: De tweede boete wordt vernietigd wegens strijd met het ne bis in idem-beginsel, de herziening van de bijstand wordt bevestigd.