ECLI:NL:CRVB:2018:1654
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- J.T.H. Zimmerman
- Rechtspraak.nl
Bevestiging intrekking AIO-aanvulling wegens niet overleggen CIN-nummer
Appellanten ontvingen een aanvullende inkomensvoorziening voor ouderen (AIO) op grond van de Participatiewet. De Sociale Verzekeringsbank (Svb) voerde tussen 2013 en 2019 een onderzoek uit naar de rechtmatigheid van deze voorziening, waarbij onder meer werd gevraagd om het overleggen van het Carte d’Identité Nationale (CIN)-nummer van in Marokko geboren AIO-gerechtigden.
Appellanten weigerden herhaaldelijk hun CIN-nummers te verstrekken, waarop de Svb het recht op AIO-aanvulling opschortte en later introk met toepassing van artikel 54 van Pro de Participatiewet. Appellanten maakten bezwaar tegen deze besluiten, maar de Svb verklaarde deze ongegrond.
De rechtbank Amsterdam verklaarde het beroep tegen deze besluiten ongegrond. In hoger beroep voerden appellanten onder meer aan dat het verzoek om het CIN-nummer discriminerend was en in strijd met het recht op privacy. De Centrale Raad van Beroep oordeelde dat deze gronden reeds in eerdere vergelijkbare zaken zijn behandeld en verworpen, en bevestigde de uitspraak van de rechtbank.
De Raad concludeerde dat appellanten onvoldoende medewerking hebben verleend door het niet overleggen van het CIN-nummer, waardoor de Svb terecht het recht op AIO-aanvulling heeft opgeschort en ingetrokken. Er werd geen aanleiding gezien voor een veroordeling in de proceskosten.
Uitkomst: De intrekking van de AIO-aanvulling wegens het niet overleggen van het CIN-nummer wordt bevestigd.