ECLI:NL:CRVB:2018:1867
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- N.J. van Vulpen-Grootjans
- Rechtspraak.nl
Beoordeling afwijzing aanvraag eenmalige uitkering Regeling Backpay wegens overlijden voor peildatum
Appellante heeft als erfgename van haar echtgenoot, die tijdens de Japanse bezetting in Nederlands-Indië als ambtenaar en militair werkzaam was en in 2011 is overleden, een aanvraag ingediend voor een eenmalige uitkering op grond van de Regeling Backpay. De minister heeft deze aanvraag afgewezen omdat de belanghebbende niet meer in leven was op de peildatum 15 augustus 2015, een voorwaarde in de regeling.
De rechtbank heeft het beroep ongegrond verklaard en geoordeeld dat de regeling een onverplichte, morele tegemoetkoming betreft met een beperkte toetsing door de rechter. De regeling beperkt de doelgroep tot personen die op de peildatum in leven waren, en erfgenamen komen alleen in aanmerking als de belanghebbende op of na die datum is overleden.
In hoger beroep betoogt appellante dat het hier een juridische verplichting tot betaling betreft en dat de peildatum onredelijk is, onder meer vanwege het ontbreken van wettelijke bevoegdheid van het Indisch Platform en strijd met het gelijkheidsbeginsel en het EVRM. De minister stelt dat de regeling buitenwettelijk is en slechts een morele genoegdoening biedt, waarbij de peildatum redelijk is.
De Raad oordeelt dat de regeling geen wettelijke grondslag heeft en een buitenwettelijk begunstigend beleid betreft, dat slechts beperkt toetsbaar is op consistentie. De minister heeft het beleid consistent toegepast door de aanvraag af te wijzen wegens overlijden vóór de peildatum. Er is geen ruimte voor toetsing van de redelijkheid van de peildatum of het gelijkheidsbeginsel. Ook het beroep op de hardheidsclausule faalt omdat er geen bijzondere individuele omstandigheden zijn.
Het hoger beroep wordt verworpen en de aangevallen uitspraak bevestigd, met verbetering van de motieven.
Uitkomst: De aanvraag voor een eenmalige uitkering op grond van de Regeling Backpay wordt afgewezen omdat de belanghebbende vóór de peildatum was overleden.