ECLI:NL:CRVB:2018:1976
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- N.J. van Vulpen-Grootjans
- J.J.T. van den Corput
- H. Benek
- Rechtspraak.nl
Afwijzing smartengeldverzoek wegens ontbreken blijvende invaliditeit bij politieambtenaar
Betrokkene, werkzaam bij de politie, vroeg smartengeld toegekend te krijgen wegens psychische klachten die als beroepsziekte zijn erkend. Het verzoek werd door appellant afgewezen omdat geen sprake is van blijvende invaliditeit, zoals vereist volgens de Regeling vergoeding beroepsziekten politie.
De rechtbank had het bezwaar van betrokkene gegrond verklaard en het besluit vernietigd, stellende dat het gelijkheidsbeginsel in zijn voordeel sprak. De Centrale Raad van Beroep vernietigt deze uitspraak echter en verklaart het beroep ongegrond, omdat betrokkene geen blijvende invaliditeit heeft en het gelijkheidsbeginsel niet slaagt gezien het verschil in aandoening (geen PTSS).
De Raad oordeelt dat een tweede invaliditeitspercentage alleen kan worden vastgesteld indien eerst een mate van invaliditeit van meer dan 0% is vastgesteld volgens de AMA-Guidelines. Aangezien het onafhankelijke onderzoek een percentage van 0% vaststelde, is geen tweede percentage van toepassing. Het beroep van betrokkene wordt verworpen, het beroep van appellant toegewezen en het nadere besluit vernietigd.
Uitkomst: Het verzoek om smartengeld wordt afgewezen wegens het ontbreken van blijvende invaliditeit.