Uitspraak
15.8311 PW
26 november 2015, 15/3128 (aangevallen uitspraak)
Centrale Raad van Beroep
Appellant heeft bijzondere bijstand aangevraagd voor de kosten van eigen bijdrage rechtsbijstand en een forensisch schriftonderzoek. Het college wees deze aanvraag af omdat de kosten niet noodzakelijk zouden zijn. De rechtbank vernietigde het besluit gedeeltelijk en wees bijzondere bijstand toe voor de eigen bijdrage rechtsbijstand, maar handhaafde de afwijzing voor het schriftonderzoek.
In hoger beroep stelde appellant dat het forensisch schriftonderzoek noodzakelijk was voor het starten van een herzieningsprocedure, waarbij hij zich beroept op het gelijkheidsbeginsel ('equality of arms') uit artikel 6 EVRM Pro. Hij kon echter niet duidelijk maken welke juridische procedure hij wilde volgen of op welke wettelijke grondslag deze gebaseerd zou zijn.
De Raad oordeelde dat appellant onvoldoende aannemelijk heeft gemaakt dat de kosten noodzakelijk zijn, mede omdat hij niet kon specificeren voor welke procedure het onderzoek vereist is. Het beroep op het gelijkheidsbeginsel faalde omdat er geen sprake was van een geschil waarbij tegenbewijs vereist is. De Raad bevestigde daarom het bestreden besluit en wees het hoger beroep af.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep bevestigt de afwijzing van bijzondere bijstand voor kosten van forensisch schriftonderzoek wegens ontbrekende noodzaak.