Uitspraak
16.3336 PW
OVERWEGINGEN
redelijkerwijs niet bekend konden zijn, en
kunnen leiden.
Centrale Raad van Beroep
De zaak betreft een verzoek om herziening van een eerdere uitspraak van de Centrale Raad van Beroep van 19 mei 2015, waarin het hoger beroep niet-ontvankelijk werd verklaard wegens overschrijding van de beroepstermijn. Verzoeker stelde dat er nieuwe feiten waren die niet bekend konden zijn bij het indienen van het oorspronkelijke verzoek, namelijk een nadere onderbouwing van het tijdstip waarop het beroepschrift was ingediend.
De Raad overwoog dat het verzoek feitelijk neerkwam op een discussie over de juistheid van de eerdere uitspraak, hetgeen niet is toegestaan binnen het bijzondere rechtsmiddel van herziening. Tevens was er geen sprake van een schending van een voorschrift van openbare orde die tot vervallenverklaring van de uitspraak zou leiden.
Daarom werd het verzoek om herziening afgewezen en was er geen aanleiding voor vervallenverklaring. Ook werd geen veroordeling in proceskosten opgelegd. De beslissing werd uitgesproken door rechter J.L. Boxum op 14 augustus 2018.
Uitkomst: Het verzoek om herziening van de uitspraak van 19 mei 2015 wordt afgewezen.