ECLI:NL:CRVB:2018:2665
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging vaststelling einddatum Ziektewetuitkering na herbeoordeling
Appellante, voormalig callcentermedewerkster, ontving een Ziektewetuitkering na ziekmelding met psychische klachten. Het UWV stelde op basis van een verzekeringsarts en arbeidsdeskundige vast dat zij meer dan 65% van haar maatmaninkomen kon verdienen en beëindigde de uitkering per 16 oktober 2015.
Na bezwaar werd de functionele mogelijkhedenlijst (FML) aangepast en het maatmaninkomen opnieuw berekend, wat leidde tot een nieuwe einddatum van de ZW-uitkering op 6 maart 2016. De rechtbank verklaarde het beroep van appellante tegen dit besluit ongegrond.
In hoger beroep betwistte appellante de juistheid van de FML en de geschiktheid van de geselecteerde functies, onder verwijzing naar medische informatie van haar behandelaars. De Raad oordeelde dat de medische adviezen onvoldoende actueel en onderbouwd waren en dat het UWV voldoende had gemotiveerd dat de functies medisch passend waren.
De Raad bevestigde daarmee de uitspraak van de rechtbank en verklaarde het hoger beroep ongegrond. Er werd geen aanleiding gezien voor een veroordeling in de proceskosten.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de vastgestelde einddatum van de Ziektewetuitkering bevestigd.