ECLI:NL:CRVB:2018:2826
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging weigering studiefinanciering na nadere motivering en advies Nuffic
In deze zaak betwist betrokkene de weigering van studiefinanciering door de minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap. Na een eerdere tussenuitspraak waarin werd vastgesteld dat de opleiding voldoende was ingebed in het kwaliteitszorgsysteem, werd het bestreden besluit aangevuld met een nadere motivering en een aanvullend advies van Nuffic over de vergelijkbaarheid van de opleiding met Nederlandse opleidingen.
De Raad concludeert dat de minister het eerder vastgestelde gebrek heeft hersteld door het advies van Nuffic te betrekken bij de beoordeling. Dit advies beoordeelde onder meer toelatingseisen, missie van de onderwijsinstelling, opleidingsdoelen en vervolgmogelijkheden, en concludeerde dat de opleiding niet voldoet aan de kenmerken van een Nederlandse opleiding zoals bedoeld in artikel 2.14, tweede lid, van de Wet studiefinanciering 2000.
Betrokkene voerde aan dat vergelijkbare opleidingen wel studiefinanciering ontvangen, maar de Raad deelt deze conclusie niet en acht het onderzoek van Nuffic zorgvuldig en overtuigend. De Raad bevestigt de eerdere uitspraken en bepaalt dat de rechtsgevolgen van het besluit van 9 februari 2015, zoals aangevuld, in stand blijven. Vergoeding van schade wordt afgewezen, evenals kosten voor aangetekende brieven naar het buitenland.
De uitspraak werd gedaan door de meervoudige kamer van de Centrale Raad van Beroep op 19 september 2018.
Uitkomst: De weigering van studiefinanciering blijft in stand en het verzoek om schadevergoeding wordt afgewezen.