Uitspraak
17.2975 ZVW
OVERWEGINGEN
.Appellante heeft verzocht om heroverweging van deze toekenning
.DSW heeft dit verzoek in een brief van 6 september 2016 afgewezen
.
Centrale Raad van Beroep
Appellante was op grond van een indicatie van het CIZ toegekend een persoonsgebonden budget (pgb) voor persoonlijke verzorging en verpleging. Na een aanvraag voor een pgb voor een deel van 2016 kende DSW een lager bedrag toe dan appellante wenste. Appellante verzocht om heroverweging, maar DSW wees dit af in een brief van 6 september 2016.
De rechtbank verklaarde zich onbevoegd om over het geschil te oordelen omdat de brief van DSW geen bestuursbesluit is, maar een civielrechtelijke beslissing. Appellante stelde verzet in, dat eveneens ongegrond werd verklaard. Vervolgens stelde appellante hoger beroep in bij de Centrale Raad van Beroep en voerde aan dat DSW als zorgkantoor een bestuursorgaan is, zodat het appèlverbod doorbroken zou moeten worden.
De Raad oordeelde dat het appèlverbod van artikel 8:104, tweede lid, Awb niet doorbroken kan worden omdat er geen sprake is van een evidente schending van fundamentele rechtsbeginselen. De brief van 6 september 2016 is geen bestuursbesluit en het geschil behoort tot de burgerlijke rechter. Daarom verklaarde de Raad zich onbevoegd en bepaalde dat het betaalde griffierecht wordt terugbetaald.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep verklaart zich onbevoegd en wijst het hoger beroep af wegens het appèlverbod.