Uitspraak
OVERWEGINGEN
BESLISSING
- bevestigt de aangevallen uitspraak;
- wijst het verzoek om veroordeling tot vergoeding van schade af.
Centrale Raad van Beroep
Appellante, werkzaam als schoonmaakster, meldde zich ziek met hartklachten en vroeg een WIA-uitkering aan. Het UWV stelde vast dat zij minder dan 35% arbeidsongeschikt was op de peildatum 25 november 2013 en wees de uitkering af. De rechtbank verklaarde het beroep van appellante ongegrond, stellende dat het medisch onderzoek zorgvuldig was en de Functionele Mogelijkhedenlijst (FML) juist was vastgesteld.
In hoger beroep herhaalde appellante haar bezwaren en voerde aan dat haar beperkingen werden onderschat. Zij overhandigde een expertiserapport en psychologisch verslag van 2016, maar deze hadden geen betrekking op de datum in geding. Het UWV betoogde dat de rapporten alleen de situatie in 2016 beschreven en niet die van 2013.
De Raad onderschreef het standpunt van het UWV en de rechtbank dat de medische beoordeling op de juiste datum was gebaseerd. De aanvullende stukken boden geen nieuwe inzichten over de situatie op 25 november 2013. Het hoger beroep werd verworpen en de aangevallen uitspraak bevestigd. Het verzoek om schadevergoeding werd afgewezen.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep bevestigt de weigering van de WIA-uitkering en wijst het verzoek om schadevergoeding af.