ECLI:NL:CRVB:2018:3098
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging weigering Wajong-uitkering wegens niet voldoen aan jonggehandicaptencriteria
Appellant, geboren in 1983, diende in 2014 een laattijdige aanvraag in voor een Wajong-uitkering vanwege paranoïde schizofrenie, vastgesteld in mei 2003. Het UWV wees de aanvraag af omdat appellant niet arbeidsongeschikt was geworden vóór zijn 17e verjaardag en niet zes maanden had gestudeerd voorafgaand aan de arbeidsongeschiktheid.
De rechtbank Rotterdam verklaarde het beroep van appellant ongegrond, waarbij werd overwogen dat de medische situatie rond de 17e verjaardag niet met zekerheid vast te stellen was en dit risico voor rekening van appellant kwam. In hoger beroep voerde appellant bewijsnood aan, maar de Raad oordeelde dat de verzekeringsartsen een zorgvuldig medisch onderzoek hadden verricht en dat er geen aanwijzingen waren dat de schizofrenie zich eerder dan oktober 2002 had geopenbaard.
De Raad concludeert dat appellant niet als jonggehandicapte kan worden aangemerkt op grond van de Wajong 2010 en bevestigt daarmee het bestreden besluit en de uitspraak van de rechtbank. Er is geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep bevestigt de weigering van de Wajong-uitkering omdat appellant niet voldoet aan de jonggehandicaptencriteria.