ECLI:NL:CRVB:2018:3245
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging dat UWV volledige medewerking aan beslag op WAO-uitkering moet verlenen
Appellant was veroordeeld tot betaling van een bedrag aan een zorgverzekeraar wegens eigen risico voor medische zorg. Vervolgens legde een deurwaarder executoriaal beslag op de WAO-uitkering van appellant. Het UWV stelde vast dat een deel van de WAO-uitkering aan de deurwaarder moest worden betaald, waarbij een beslagvrije voet werd gehanteerd.
Appellant maakte bezwaar tegen dit besluit en voerde aan dat er geen medische behandeling had plaatsgevonden en verzocht om terugbetaling van de ingevorderde bedragen. Het UWV verklaarde het bezwaar ongegrond en stelde dat het gehouden was volledige medewerking aan het beslag te verlenen zonder de geldigheid daarvan te mogen beoordelen.
De rechtbank verklaarde het beroep van appellant ongegrond en oordeelde dat het UWV en de bestuursrechter niet bevoegd zijn om de rechtmatigheid van het beslag te toetsen. De Centrale Raad van Beroep bevestigde deze uitspraak in hoger beroep en wees het beroep af. Er was geen grondslag voor terugbetaling van de ingevorderde bedragen en geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep bevestigt dat het UWV gehouden is volledige medewerking aan het beslag te verlenen en wijst het hoger beroep af.